Tag Archief van: Israël

De demonstrerende studenten en medewerkers van universiteiten hebben een punt. Oog in oog met de Israëlische oorlog in Gaza, zou het de slachtoffers van die oorlog kunnen helpen als Nederlandse universiteiten de samenwerking stopzetten met Israëlische instellingen.

Wat ik echter niet snap, is waarom universiteitsbesturen die stap moeten zetten onder druk van een klein deel van hun studenten en medewerkers. En al helemaal niet wanneer die nauwelijks te onderscheiden zijn van beroepsactivisten, vandalen en provocateurs.

Als er medezeggenschap mogelijk is op onze universiteiten, is dat de plek om je punt te maken. Daar staan ongetwijfeld ook redelijke argumenten tegenover, en dan is het de meerderheid die na een fatsoenlijke afweging besluiten kan.

Is deze medezeggenschap een wassen neus, dan wordt het hoog tijd dat er eerst actie gevoerd gaat worden voor meer democratie op de campus. Hoe dan ook is er in dit land geen dictatuur. Dus stop de vernieling en het geweld, begin het gesprek, en neem de besluiten waar en hoe je ze nemen moet.

“Together we must learn to live as brothers or together we will be forced to perish as fools.”

Martin Luther King, Jr. Where Do We Go From Here – Chaos or Community? (1967)

 

Over de hele wereld hebben ontelbare mensen gereageerd op eerst de terreur van Hamas in Israël, en toen de meedogenloze acties van Israël in Gaza. Sommigen deden dat met oprechte ontzetting en bewonderenswaardige solidariteit. Anderen met ideologische oogkleppen en een ontluisterend gebrek aan empathie. De een praatte terrorisme goed, een ander vergelding. Slechts weinigen hadden iets te zeggen wat gewicht in de schaal legt. Omdat het regelrecht in de roos was of omdat wie het zei, ook iets betekenen kan voor die mensen daar op de lap grond tussen een rivier en een zee.

 

 

Woede, wrok en wanhoop

 

Ik heb niet de illusie dat men aldaar de wenkbrauwen fronst als Remko van Broekhoven Jeruzalem voor de laatste maal waarschuwt. Maar ook dichter bij huis bespeur ik een overmaat aan woede, wrok en wanhoop. Stuk voor stuk begrijpelijke, én bij voorkeur tijdelijke emoties. Die beter niet te veel schade aanrichten. Gelukkig hebben denkers en doeners er door de eeuwen heen antwoorden op gevonden, geconfronteerd met onrecht of de dood zelf in de ogen kijkend. In essentie komen al die antwoorden neer op één alternatief: actie, vreedzame actie.

 

Het is een strijd die zelf geweld tot het uiterste vermijdt. Omdat de strijder begrijpt dat geweld uiteindelijk weer tot nieuw geweld leidt. En dat begrip, vergeving en liefde juist de kans vergroten dat vijanden tot elkaar komen, of elkaar in elk geval met rust laten. Vreedzame actie vraagt enerzijds om verzetsdaden waarmee je het je tegenstander moeilijk of zelfs onmogelijk maakt jou te blijven domineren. En anderzijds om een voortdurende strijd met dat deel van jezelf dat vergelding en vernietiging eist. Het is de weg van Mahatma Gandhi en de Dalai Lama. Van Martin Luther King en van Mandela, toen die eenmaal de gewapende strijd achter zich liet.

 

Voor de duidelijkheid: er zijn situaties waarin tragisch genoeg alleen geweld bescherming biedt. Wanneer je te maken krijgt met een Stalin of Hitler, kun je maar beter bommen en granaten bezitten. Mogelijk geldt hetzelfde met Poetin of Assad. Al dringt zich de vraag op of de Oekraïners met geweldloze actie niet meer bereikt hadden en minder schade zouden hebben geleden na de Russische invasie. Wat je de Israëlische slachtoffers op zaterdag 7 oktober echter had gegund tegenover de moordenaars van Hamas was niet mildheid, maar een goed functionerend machinegeweer. Misschien leefden ze dan vandaag nog. En had ditzelfde gegolden voor degenen die daarna stierven in de Gazastrook.

 

Geen Barack, maar Bibi

 

Wanneer de terreur eenmaal toeslaat, helpt alleen gewapende bescherming. Maar voor het zover komt, en om te voorkomen dat ze alsmaar voortduurt, dient zich een ander antwoord aan. Dat van regeringen die rechtvaardigheid realiseren in eigen land. Die ook de belangen van de buitenwereld erkennen. En dat van activisten die onrecht tegemoet treden met geweldloze acties; in plaats van weerloze burgers aan te vallen omdat ze hen als ‘de vijand’ zien. De onmetelijke pech van Palestina is dat het geen Mandela, maar een Arafat had; en dat het nu geen ANC heeft, maar Hamas. Die van Israël dat het geen Barack Obama bezit, maar een Bibi Netanyahu.

 

Het heeft niet zo mogen zijn. Tienduizenden vrouwen en mannen tussen Jordaan en Middellandse Zee rouwen om hun mannen en vrouwen. Om hun kinderen of ouders. Nu valt het te hopen dat ze hun maar al te begrijpelijke woede en wraakzucht weten te beheersen. In het besef dat ze er hun geliefden niet mee tot leven wekken. Integendeel: als ze zich niet inhouden, zullen ze de geliefden van weer anderen doden. Er moet na deze zwarte zaterdag een antwoord komen van Israël, evenals een alternatief voor de Palestijnen. Maar hopelijk weten verstandige mensen voor en vooral achter de schermen beide partijen duidelijk te maken dat eerst beheersing en daarna onderhandeling geboden zijn.

 

 

De razernij doen bedaren

 

Soms zijn het degenen die zélf niet woedend zijn, die de razernij in anderen kunnen doen bedaren. Soms zijn het de slachtoffers of nabestaanden zelf, die tot dit inzicht komen voor henzelf, en voor degenen zoals zij. Abel Herzberg overleefde het concentratiekamp Bergen-Belsen. Tegen andere voormalige gevangenen van het kamp – vol wrok tegen Nazi’s in het bijzonder en Duitsers in het algemeen – zei hij: “Je moet van die woede af. Anders hebben ze je tweemaal te grazen. Eerst in het kamp. Daarna als meester van je geest.”

 

Een advies dat slechts door ervaringsdeskundigen mag worden gegeven. Dan ook nog met mate, want het ene slachtoffer is het andere niet. Wat Herzberg hier echter duidelijk maakt, is dat wie, al heeft zij of hij daar alle ‘recht’ toe, woedend blijft op daders, zich daarmee levenslang aan die daders verbindt. En hen zo eigenlijk alsnog meer macht toekent dan zij hoeven te hebben.

 

Een vergelijkbaar besef vinden we terug bij Etty Hillesum. Op 20 juni 1942 schreef zij. terwijl om haar heen alsmaar nieuwe maatregelen werden afgekondigd die Joodse Nederlanders uitsloten en hun vernietiging voorbereidden: “Om te vernederen zijn er twee nodig. Diegene die vernedert, en diegene die men wil vernederen en vooral: die zich láát vernederen. Ontbreekt de laatste, dus is de passieve partij immuun voor iedere vernedering, dan verdampen die vernederingen in de lucht. Wat er overblijft, zijn alleen lastige maatregelen, die in het dagelijkse leven ingrijpen, maar geen vernederingen of verdrukkingen, die de ziel beklemmen.”

 

 

Stoïcisme en geweldloze actie

 

Haar hooggestemde stoïcisme zou Hillesum niet van de dood redden. Ergens in het najaar van 1943 werd zij in Auschwitz vermoord. Maar ondanks de pogingen tot vernedering door anderen, behield zij een plekje in haar ziel waar zij niet vernederd kon worden. Het gaf haar de kracht om te blijven wie ze was, in plaats van te worden wat anderen van haar wilden maken: een on-mens. Het geeft ook anderen kracht. Ergens in Palestina is er een vrouw die zich geïnspireerd voelt door precies deze woorden. Dina Awwad voert – samen met de Israëlische Emma Sham-Ba Ayalon – geweldloze actie voor gelijke rechten van Israëliërs en Palestijnen.

 

In de documentaire Het denkende hart van Etty Hillesum vertelt Awwad: “Toen ik dat citaat las, bleef ik daar heel lang mee bezig. In het begin voelde ik ook iets van boosheid tegen Etty. Hoe is het mogelijk dat je jezelf bevrijdt van vernedering? (…) Toen begreep ik het: je niet laten vernederen, betekent niet dat je de situatie accepteert. Het gaat erover dat je besluit wat je innerlijke reactie is op een externe situatie. (…) Als ik langs een controlepost kom en vernedering meemaak, merk ik altijd mijn boosheid en mijn angst op. En leer ik steeds weer hoe ik de pijn kan toelaten. Want het is erg pijnlijk en ik sluit er niet de ogen voor. Maar hoe besluit ik op dat moment te reageren?”

 

Je bevrijden van vernedering

 

Ik bewonder de wijze waarop deze twee vrouwen – een Joodse en een Palestijnse – de kracht vonden om zich te bevrijden van vernedering. En hoe ze aldus de woede wisten te vermijden, of te hanteren zodra deze zich toch aandiende als gevolg van het onrecht waaraan zij werden blootgesteld. Dat is uiteindelijk onmetelijk veel waardevoller dan het afschieten van onschuldige burgers voor ‘het goede doel’. Het is ook de enige weg om ooit dat doel te bereiken: of het nu een veilig land voor de Joden is, of een leefbare plek voor de Palestijnen. Het is zeker inspirerender dan vanuit je eigen beschutte landje de terreur door anderen te voorzien van ‘context’ die als excuus kan dienen.

 

Eerlijk gezegd heb ik er niet altijd zo over gedacht. Er was een tijd dat ikzelf geweld verheerlijkte. Sterker nog: als 18-jarige ging ik in militaire dienst met als doel om daarna een potje mee te vechten in Nicaragua of El Salvador. Voor een goede zaak, dat mag duidelijk zijn. Mijn helden waren Fidel Castro en Che Guevara, en dichterbij huis desnoods een Yasser Arafat. Een paar jaar later raakte ik in de ban van Martin Luther King en zijn burgerrechtenbeweging uit het Amerika van de vijftiger en zestiger jaren. Ik ontdekte dat er betere zaken waren dan degene die vooral veel wapengekletter vroegen, om vervolgens maar al te vaak in onderdrukking uit te monden.

 

Als student zou ik proberen om geweldloze acties te initiëren. Als docent journalistiek organiseerde ik in mijn vrije tijd dergelijke acties met De Wereld Is Niet Te Koop. We kondigden een consumentenboycot af tegen de miljoenenbonus van Ahold-topman Anders Moberg. We voerden Adbusts uit in het centrum van Utrecht en Amsterdam. En in het voorjaar van 2004 maakten we een videoclip om de aandacht te vestigen op vreedzame alternatieven in zowel Irak als Israël en Palestina. Ofwel, om het in mijn woorden van die tijd te zeggen: op een strijd tegen terroristen, in plaats van een strijd tussen terroristen.

 

Begin om half elf

 

Weer wat later zou ik als filosoof in Staat van Tederheid en Verbeter de wereld, begin om half elf geweldloze actie bepleiten om ook ons eigen deel van de wereld ingrijpend te veranderen. Want in mijn ogen werd het alsmaar duidelijker dat milieu hét veiligheidsprobleem van de 21e eeuw is. Wanneer wij er niet in slagen om de natuurvernietiging een halt toe te roepen die nu gaande is, zal er geen menswaardig bestaan voor onze kinderen en kleinkinderen zijn. Niet in Palestina of Israël, met de schaarste aan water en grond die daar speelt; maar ook niet in de rest van Azië, in Afrika of in Amerika; en zelfs niet in het vooralsnog welvarende en veilige Wassenaar van de wereld dat ‘Nederland’ heet.

 

Maar gelukkig zijn er miljoenen mensen die beseffen dat we om het goede te behouden dat we hebben, nogal wat zullen moeten veranderen. En voeren honderdduizenden van hen vreedzame acties voor klimaatveiligheid, zoals de activisten van Extinction Rebellion op de A12 in Den Haag. Wanneer deze acties weerklank krijgen in de verkiezingen van 22 november en een partij de grootste wordt die prioriteit geeft aan diezelfde klimaatveiligheid, geeft dat hoop. Een hoop die versterkt wordt wanneer we na die verkiezingen niet achteroverleunen, maar als gewone burgers in actie komen voor veiligheid. Daar bestaan ontelbare manieren voor. Geen van allen gebaseerd op razernij, rancune en geweld.

 

Er zijn alternatieven te over. Tussen de rivier en de zee daar. En tussen de zee en de rivieren hier. Om ze tot leven te wekken, is niet alleen empathie vereist, maar vooral heel veel stoïcijnse kalmte.