Lockdown. Na ‘corona’ is dit hard op weg het woord van het jaar te worden. Met een gretigheid die catastrofilie doet vermoeden, roepen sommigen erom, als het even kan geïllustreerd met foto’s van mensen – De Anderen – die te weinig afstand houden. Een lockdown… Als het nodig is, is het nodig, zou ik zeggen. En laten we daarbij vooral de inzichten volgen van mensen die het weten kunnen. Wat weer iets anders is dan na zeventien miljoen virologen nu zeventien miljoen jaknikkers en verklikkers aan te wijzen. Of zestien miljoen gedetineerden, en een miljoen cipiers, als er eenmaal mensen opgesloten moeten worden.

Ik moet bekennen dat er nog een neiging is, een waaraan ik mezelf zo nu en dan schuldig maak. Dat is het zo snel en absoluut mogelijk aanwijzen van De-Les-Die-We-Van-Deze-Crisis-Moeten-Leren, inclusief de enige echte oorzaak en dito oplossing. Het nauwelijks verhulde verlangen dat na deze pijnlijke periode een volledig vernieuwde mens en -maatschappij hun intrede zullen doen. Eerst levertraan, dan beter leven. Doordat we eindelijk naar Moeder Aarde gaan luisteren (ik citeer hier met enige schaamte mezelf); doordat we het kapitalisme nu wel gaan afschaffen, nadat we die kans bij de kredietcrisis hebben gemist; of doordat we weer lekker behaaglijk De Gemeenschap omhelzen en ‘ons’ individualisme het raam uitgooien.

 

Uitzitten, uitzieken, uitzoeken

Ofwel, zoals Seije Slager het treffend in Trouw formuleerde, afgelopen zaterdag: “(…) met hoeveel gemak we de tekenreeks SARS-CoV-2 decoderen tot een nieuw bewijsstuk voor een overtuiging die we al langer dienden.” Overigens is dat nog maar één kant van het verhaal. Wat ook meespeelt, is dat we met z’n allen zo verslingerd zijn geraakt aan het constant meningen de (social) media in slingeren, dat nog maar weinigen van ons bereid zijn de crisis even de crisis te laten en onze grootse oordelen voor veel later te bewaren, wanneer het stof is opgetrokken. De Uil van Minerva, weet u nog? Wat wél te doen? Ik kan het niet beter zeggen dan Marco Evenhuis, die op Facebook schreef: “Misschien eerst de crisis ‘s even goed uitzitten en uitzieken alvorens we wijs gaan doen over waar het heen moet en in select gezelschap bepalen wat het beste voor ons is.”

Evenhuis heeft hier gewoonweg gelijk, en toen ik het las voelde ik me dus een beetje een sukkel, omdat ikzelf de voorbije weken ook zo ‘wijs’ heb lopen doen. Tegelijkertijd geloof ik dat het belangrijk is om na – of naast – het uitzitten en uitzieken ook uit te zoeken welke lessen we uit deze crisis kunnen leren. Het voordeel van de vele opdrachten die ik in deze tijd misloop is in elk geval dat ik de tijd heb om over die lessen na te denken. En in mijn geval – als iemand die geen Covid-19-patiënten kan genezen en ook al geen coronavaccin kan ontwikkelen – betekent dat: woorden en beelden bieden waardoor we deze crisis beter begrijpen en er in die zin ook meer grip op krijgen. Het betekent waarheden trachten aan te reiken die ons houvast, troost en richting geven. Het is: filosoferen.

 

De noodzaak van het filosoferen

In de honderden colleges die ik de voorbije jaren heb gegeven bij The School of Life is er altijd wel iemand die over filosofie zegt dat het een luxe is. Een Eerste-Werelddingetje, zeg maar, voor wie zich geen zorgen hoeft te maken over leven en dood, overleven of creperen, gezondheid of levensbedreigende ziekte. I beg to differ. Voor mij is filosoferen diepgaand nadenken over hoe je leeft, waarom je zo leeft, en op welke wijze je anders zou kunnen leven. En het is vervolgens dat doen, en het beleven. Het zijn geen filosofietjes en theorietjes, het is levenswijsheid die je omzet in een levenswijze.

Het is bijvoorbeeld wat Abel Herzberg schijnt te hebben gezegd nadat hij het concentratiekamp Bergen-Belsen had overleefd, tegen andere kampslachtoffers: “Je moet van die woede af, anders hebben ze je tweemaal te grazen. Eerst in het kamp, daarna als meester van je geest.” De filosofie die mij inspireert, las ik bij Aristoteles, Nietzsche of Arendt; maar hoorde ik ook bij ervaringsdeskundigen als Herzberg of de activisten die ik in Latijns-Amerika interviewde: verzetsstrijders die twaalf jaar lang gemarteld waren en het alleen vol hielden door hun stoïcisme, of Dwaze Moeders die worstelden met pijn en wrok, haat en liefde nadat ze hun mannen of kinderen verloren hadden. Dit is het soort filosofie dat niet tracht indruk te maken door dikke boeken in te slikken en te herkauwen, door dure woorden te gebruiken en chique namen te noemen, maar dat de kleine en grote vragen van ons leven serieus neemt en beantwoordt.

 

Tegenover de tunnelvisie de openheid

Filosofie is er dus niet alleen wanneer crises vermeden worden en de pijn afwezig is: je hebt haar juist nodig in het concentratiekamp, tijdens de hongersnood of in welke situatie dan ook waar het je aan gemak en plezier ontbreekt. Daar behoef je het denken meer dan ooit: om de ongedachte en ongewenste situatie tegemoet te treden. En dat brengt me weer op deze coronacrisis en haar (dreiging van) lockdown. De lockdown is niet alleen de feitelijke situatie waarin we gebouwen of gebieden niet meer mogen betreden, of juist niet meer mogen verlaten. Het is ook de geestelijke afsluiting: het gefixeerd raken op één ding, op één perspectief, op één oplossing, op één zondebok of schuldige. Tegenover die tunnelvisie plaats ik de openheid, het open staan voor verschillende oorzaken, oplossingen en inzichten.

Dat is niet zozeer een vermaning aan anderen die minder open en ‘verlicht’ dan ikzelf zouden zijn. Ik wil graag mijn eigen bekrompenheid signaleren en corrigeren. Dus terwijl ik hier in een aangenaam huisarrest verkeer – met naast me op de bank mijn dochter die aan een andere laptop haar huiswerk maakt en boven me op de slaapkamer mijn vrouw die haar werk doet – neem ik mezelf voor open te staan voor alle verschillende wijsheden die de filosofie bieden kan. Ook de wijsheden die me misschien minder sympathiek voorkomen, zoals de reële mogelijkheid dat ook deze crisis ons niet werkelijk wijzer zal maken (een wijs man heeft ooit gezegd: het enige wat we van de geschiedenis leren, is dat we niets van de geschiedenis leren); of dat een volledige lockdown nu echt de beste optie zou kunnen zijn, hoezeer we ons ook tegen dit idee verzetten omdat politici als Wilders en Baudet het bepleiten.

 

De wereld omgekeerd

Over een week verschijnt mijn boek ‘De wereld omgekeerd’. Het is – voor mij althans – een tikje tragisch dat onze wereld inmiddels zo op haar kop staat, dat mijn feestje rondom dit boek over de omgekeerde wereld is afgelast. Tegelijkertijd voel ik het voorrecht en de verantwoordelijkheid om exact dat te doen wat ik ook in dit boek al deed: zo diepgaand mogelijk nadenken over de wereld waarin we leven, en dat zo toegankelijk en aantrekkelijk mogelijk uitleggen. Lockdown? Open up!

0 antwoorden

Plaats een Reactie

Meepraten?
Draag gerust bij!

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *